
|
Vooraanzicht, zijaanzicht, achteraanzicht. Dit zeldzame beslagstuk (zie afb.1) is aan het einde van de twaalfde eeuw of in het begin van de dertiende eeuw gemaakt te Limoges, in Frankrijk. Het was oorspronkelijk bevestigd op een ´Reliekschrijn´ óf op een ´Processiekruis´. Het beslagstuk is gemaakt van brons, dat in een mal is gegoten. De uitsparingen op de romp (en de arm) waren oorspronkelijk met kleurig emaille ingelegd, waarna het resterende brons werd verguld. Sporen van de vergulding zijn nog duidelijk zichtbaar, maar helaas niet op de foto´s. Vervolgens werden de oogjes aangebracht, welke zijn gemaakt van een niet nader gedetermineerde (hald)edelsteensoort, in de kleur zwart of blauw. Tenslotte werd het volledige oppervlak nogmaals met een transparante emaille geëmailleerd, waarvan ook nog delen aanwezig zijn (op het vooraanzicht links en onder de bovenste doorboring). Deze zijn tijdens de restauratie bewust gespaard en zouden bij een niet-vakkundige restauratie mogelijk verloren zijn gegaan, dus mocht u er zelf ook ooit een vinden, dan doet u er goed aan om een dergelijk kwetsbaar object, door een professionele restaurator te laten restaureren. Ook het afspoelen met water, kan trouwens worden afgeraden. Dergelijke beslagstukken werden normaal gesproken in een serie van 12 óf 16 stuks vervaardigd en werden op een rijk versierd kistje, de al eerder genoemde ´reliekschrijn´, aangebracht. Hiervan zijn er gelukkig nog heel wat bewaard gebleven, maar ze behoren door hun ouderdom en niet te vergeten hun schoonheid tot de topstukken van menig belangrijk museum. De prijzen die voor deze kistjes betaald moeten worden, als ze al te koop zijn, lopen met gemak tot in de tonnen. Een reliekschrijn, dankt zijn bestaansrecht aan z´n religieuze achtergrond en komt waarschijnlijk al vrij vroeg voor. Hoe lang de geschiedenis van de reliekschrijn teruggaat is mij niet helemaal duidelijk, maar ze werden in ieder geval vanaf de vroege middeleeuwen in de Katholieke kerk gebruikt om relikwieën (ook wel relieken genoemd) in onder te brengen. De oudste mij bekende reliekschrijn, dateert al uit de 9de eeuw, maar het is aannemelijk dat er nóg vroegere exemplaren bestaan (of bestaan hebben). Onder relikwieën kunnen bijvoorbeeld stukjes van het kruis of het gewaad van Christus worden verstaan, zoals ook wel bekend van de latere bedewaartsoorden, die om deze reden door pelgrims werden aangedaan. De meeste vroege reliekschrijnen zijn gedecoreerd met religieuze symboliek, waarin vaak ´primitieve´ Ottoonse elementen zijn te herkennen. Op Google (-afbeeldingen) vindt u een grote diversiteit, als u ´reliekschrijn´ intikt. Echter, ze bevatten niet allemaal vergelijkbare beslagstukken, dus hebben wij hiervan alvast een voorbeeld voor u gedownload (zie afb.2). Deze foto hebben we ontleend aan het Rijksmuseum Twente en natuurlijk adviseren wij, om deze schitterende reliekschrijn daar in het echt te gaan bekijken. |

Afb.2: 13de eeuwse Reliekschrijn uit Limoges met
vergelijkbare beslagstukken (collectie Rijksmuseum Twenthe)
|
Door vergelijking van ons beslagstuk met de andere ons bekende exemplaren, op grond van detailverschillen, kunnen we tot een aanname voor het oorspronkelijke emaille komen. Natuurlijk is dit alles behalve wetenschappelijk en slechts een theoretisch verhaal, maar het geeft wel een beter beeld van hoe het beslagstuk eruit gezien zou kunnen hebben. De kleuren die we bij de best op ´ons´ beslagstuk gelijkende parallellen doorgaans tegengekomen, zijn: ´kobaltblauw´, voor het gewaad, ´azuurblauw´ voor het ondergewaad en ´karmijnrood´ voor de band, die van de linkerschouder, diagonaal naar de leest loopt. Opmerkelijk genoeg vinden we het emaille dat zich bij ons exemplaar op het hoogreliëf bevindt bij geen enkel ander exemplaar zichtbaar terug. Het zou, zoals gezegd kunnen, dat dit emaille oorspronkelijk transparant was en uitsluitend diende om te fixeren, maar dat dit inmiddels enerzijds de kleur van het bronspatina (groen) heeft overgenomen en anderzijds, door de werking als gevolg van dit oxidatieproces enigszins is losgewrikt. Dit laatste zou ook verklaren, waarom het overige emaille nagenoeg geheel is verdwenen. De afwezigheid van dit emaille is in ieder geval al lang een feit, want op de plaatsen waar dit oorspronkelijk zat is een soortgelijk patina ontstaan, als op de hoger gelegen delen, waar dit gekleurde emaille niet heeft gezeten. Hieronder ziet u een afbeelding (afb.3), waarin we onze kleuren-aanname digitaal hebben gevisualiseerd. |

Afb.3: Afbeelding van het Limoges-beslag met daarin een digitale
visualisatie van een verondersteld kleurgebruik voor het emaille
|
Nadat we het beslagstuk weer wat kleur hadden gegeven, werd het nut van onze digitale reconstructie van dit sterk gestileerde heiligen-beslagje eigenlijk direct al duidelijk. Hierdoor werd namelijk ineens zichtbaar, waarom de plooien van het gewaad die rechts wél van boven naar beneden doorlopen, aan de linkerkant tweemaal worden onderbroken. Deze onderbreking benadrukt namelijk de boven- en de onderkant van de wijd uitlopende mouw met in het midden ervan (verticaal) nog een plooi. Als u nog even naar de foto bovenaan dit stuk kijkt, dan zult u zien dat je zonder dit digitale contrast, maar moeilijk de conclusie kunt trekken, dat het brede strookje brons, tussen het lichte of azuurblauw, de arm is die uit de mouw steekt. Niet in de laatste plaats, omdat de essentiële informatie zoals de hand met evt. vingers, precies schuil gaat onder een hierop liggend emaille-restant. Deze bevinding, ´de arm met hand´, wordt ondersteund door enkele parallellen van dit beslagstuk. |